MUZE ADRI | sashiko
http://preview.annevandenheuvel.nl/images/photos/518x261/AnnevandenHeuvel_Gespreksstof_MuzeAdri_03.jpg
Sashiko & Boro | under construction | made for Adri with love
Adri is een inspirerende interieurdecorateur die jaren geleden heel geinteresseerd bij Anne op atelierbezoek kwam. Het enthousiasme sloeg over en Adri en Anne hebben een klik die woorden haast overbodig maakt, en de beide creatieve geesten vullen elkaar haarfijn aan met het realiseren van hun prachtige maatwerk ideeën voor de beleving van kunst en interieur.

De GESPREKSSTOF sessie heeft hun band èxtra bijzonder gemaakt door de openhartige gesprekken die vergezeld gingen met schaamrood op de kaken, dijenkletsers en hilarische lachsalvo’s om de onderwerpen die niet onder stoelen of banken werd gestoken. Niets menselijks is hen vreemd.

Adri doet alles wat hij doet met heel veel liefde en aandacht. Zijn werk is steengoed en bedachtzaam. Dat vraagt om wéér een monnikenwerk GESPREKSSTOF project.

Spijkergoed. Met hier en daar wat rafelrandjes, scheuren om op te lappen. Het leven gaat tenslotte niet over rozen en kleerscheuren loopt een ieder van ons op.

We verzamelden jeans in alle hoedanigheden en onze Adri mag geheel ton-sur-ton en met minutieuze precisie in elkaar geregen worden. Met technieken die we ons eigen proberen te gaan maken; Sashiko en Boro.

Tellen en passen en meten ... én heel zorgvuldig borduren.
U kunt in dit album op Facebook up to date bij houden hoe ver we zijn met het realisatie proces.

Reeds voor de zomer van 2017 heeft Anne de eerste steekjes gezet nadat de patroontekening is uitgewerkt het basispatroon zorgvuldig is neergelegd en vastgeregen op een 1-zijdig Indigo-geverfde jeanskatoen. De stagiaires hebben het werk soms vervloekt omdat het hen soms uren duurde alvorens er 1 ‘vierkantje’ van enkel de onderlaag klaar was en dan waren hun handen helemaal blauw van het Indigo pigment.
Vanaf september 2018 gaan we ook met de vrijwilligers werken aan muze Adri met de Sashiko-techniek; een eeuwenoude Japanse techniek om met stekenpatronen stof te decoreren ...
Sashiko is een traditionele wijze om stof te versterken met stikselpatronen, met name met wit garen op Indigo stof. Het is een traditie die stamt uit de 17de eeuw en die verspreid over heel Japan voorkomt. Alhoewel we die lichte steekjes op donkerblauwe stof nu heel decoratief vinden, is de oorspronkelijke reden om dit te doen veel prozaïscher: puur ter versterking van de (handgeweven) stof, om slijtage te maskeren of om bij het watteren van de stof de diverse lagen goed aan elkaar te naaien.

Eeuwen geleden weefden Japanse boeren hun stof met de hand van plantaardige vezels, zoals hennep. Deze stoffen waren niet erg sterk, terwijl de boerenkleding wel aan stevige slijtage onderhevig was. Ter versterking werd de stof met Indigo geverfd en van fijne stekenpatronen voorzien, om de stof goed bij elkaar te houden. Sashiko betekent ‘kleine steekjes’. Daarnaast werden meerdere lagen stof op elkaar met steekjes vastgemaakt en soms gewatteerd om de kleding warmer te maken. Alhoewel de techniek om stof te versterken met kleine steekjes in veel Aziatische culturen voorkomt, associëren we deze techniek toch vooral met Japan. Tegenwoordig ligt het accent vooral op het decoratieve element en wordt Sashiko ook veel toegepast op woningtextiel, zoals kussens en gordijnen. Ook zien we nu ook wel Sashiko op andere kleuren stof dan indigo toegepast worden.

Er zijn meerdere soorten Sashiko
Sashiko wordt in veel districten toegepast. Tegenwoordig onderscheiden we drie technieken die duidelijk van elkaar verschillen. Wij gebruiken de volgende twee èn Boro.

Moyouzashi of eenvoudig Sashiko
Dit is de bekendste techniek en vaak de techniek die we algemeen als Sashiko aanduiden. Afkomstig uit het noorden van Japan, bestaat deze techniek uit geborduurde rechte of gebogen rijen rijgsteken, waarbij de steken elkaar niet mogen kruisen. Deze techniek hebben we toegepast in de basislaag van de achtergrond van muze Adri.

Hitomezashi Sashiko
Bij deze techniek worden de stekenpatronen gemaakt op basis van een ruitpatroon. Daaruit volgt vanzelf dat er bij Hitomezashi Sashiko geen gebogen lijnen voorkomen. In tegenstelling tot bij Moyouzashi Sashiko mogen bij deze techniek de steken elkaar wel kruisen of elkaar raken. Deze techniek passen we vooral toe in het ruitpatroon van onze muze Adri.

Terwijl Moyouzashi meer een indruk van rijen steken geeft, zie je bij Hitomezashi meer losse steekjes, waardoor dit ook wel één-steek-Sashiko genoemd wordt.

De schoonheid van Sashiko zit in de eenvoud van de steken, een eenvoudige rijgsteek, meestal 2-4 steken per cm. Het aantal steken is afhankelijk van de stof die u gebruikt: grovere stof vraagt om grotere steken. Belangrijk is dat iedere steek een gelijke lengte heeft. Het is niet gebruikelijk bij Sashiko om een knoopje in het uiteinde te leggen; meestal begint men met een paar stiksteken en gaat er dan overheen met de rijgsteek. Een overgebleven uiteinde wordt zo kort mogelijk afgeknipt. Bent u aan het eind van de draad voor het eind van de stekenrij, dan maakt u met de volgende draad eerst een paar steekjes over het laatste stukje van de vorige draad.

Materiaal
In het algemeen gebruikt men voor Sashiko als ondergrond gelijkmatig, vast geweven katoenen stof. Het helpt wanneer de stof aftelbaar is, zodat u de steken mooi regelmatig over telkens hetzelfde aantal draden kunt maken. Traditioneel is de stof indigoblauw. Het is verstandig om de stof voor het borduren te wassen; het is zo jammer als het contrast tussen het witte borduursel en de blauwe ondergrond vervaagd is omdat de stof tijdens de eerste wasbeurt kleur afgaf.

Hoe donkerder blauw de stof, hoe mooier de steken uitkomen.
U kunt een enkele laag stof gebruiken, bijvoorbeeld wanneer u er daarna een kussen mee bekleedt, een dubbele laag of tussen de twee lagen een laag watten leggen, voor een gewatteerd jasje bijvoorbeeld. Was en strijk de stof voor gebruik. Strijk de stof aan de achterzijde, want indigostof kan soms gaan glanzen wanneer u op de goede kant strijktBoro; Het gerepareerde en geruite textiel van Japan wordt boro of rafelig genoemd, zowel in Japan als in het buitenland. Boro-textiel wordt meestal genaaid van negentiende en vroege twintigste-eeuwse lompen en stukken indigo geverfd katoen. De diversiteit van patches op een bepaald stuk is een echte encyclopedie van handgedreven katoenindigo uit het oude Japan. In de meeste gevallen wordt de mooie ordening van pleisters en versteksteken gedragen door noodzaak en toeval en niet gepland door de maker. Stel je voor dat borotextiel werd genaaid in de schaduw van boerderijen, vaak 's nachts bij het licht van één duistere tijd, op de schoot van boerenvrouwen. Dit onzelfzuchtige creatieve proces heeft met de hand gemaakte artikelen van soulvolle schoonheid opgeleverd, die elk een beroep doen op erkenning en bewondering als meer dan de utilitaire stof die ze bedoeld waren te zijn.

Boro en Sashiko gebruiken we gemixed om het portret van muze Adri uit te werken.